Collectief merk

Reglement van het gebruik van het collectief merk
Career Management Institute (CMI)


vastgesteld door het bestuur van de stichting per 1 januari 2009
versie 001 2009

Artikel 1
1.1. Het bestuur van de Stichting Career Management Institute Netherlands (hierna te noemen:CMI of Stichting) heeft het recht en is bevoegd om in de EU landen het collectieve merk CMI en logo, met inachtneming van de bepalingen van dit reglement, toe te kennen aan gecertificeerde loopbaanadviseurs, die de titel Register Loopbaanprofessional mogen voeren,  hierna te noemen RL's, die een onderneming drijven danwel daarin werkzaam zijn, waarin loopbaanadvisering (loopbaanbegeleiding, loopbaancoaching en outplacement) wordt aangeboden.
1.2 . De RL's verplichten zich voor het recht tot gebruik van het collectieve merk aan de Stichting een jaarlijkse vergoeding te voldoen, welke is opgenomen in de jaarbijdrage, waarvan de hoogte door het bestuur van de Stichting wordt vastgesteld
1.3. De RL's, die bevoegd zijn tot het gebruik van het collectieve merk CMI en logo  zijn ingeschreven in het openbare register van CMI. Zij zijn gerechtigd dit collectieve merk aan te brengen inzake de diensten die zij aanbieden, ter onderscheiding waarvan het collectieve merk dient, bijvoorbeeld in reclame-uitingen, prijslijsten, folders, rekeningen of briefpapier.  
1.4. De RL's  zijn niet bevoegd het recht tot gebruik van het collectieve merk aan een derde over te dragen of aan een derde een licentie hierop te verlenen.

Artikel 2
2.1. Alle RL's zijn ingeschreven in het openbare register van CMI dat gepubliceerd is op de CMI website: http://www.cminl.nl/., waardoor alle RL's de CMI gedragscode aanvaarden.
2.2. De RL's aanvaarden derhalve de toepasselijkheid van alle door CMI vastgestelde reglementen, voorschriften en besluiten en houden zich daaraan.

Artikel 3
Indien de Stichting vaststelt of vermoedt dat een bepaling van dit reglement is of wordt overtreden, waardoor een RL niet langer voldoet aan de vereisten voor toelating tot het collectief merk, kan de Commissie van Beroep van CMI op verzoek van het bestuur van de Stichting, de overtreder schorsen of een of meer andere in het Reglement van Rechtspraak van CMI genoemde maatregelen jegens de overtreder nemen. Op de rechtsgang is toepasselijk, het Reglement van Rechtspraak van CMI

Artikel 4
4.1. Elke RL als gebruiker van het collectieve merk CMI en logo, is verplicht iedere inbreuk op en onbevoegd gebruik van het collectieve merk en logo, dat hem/haar ter kennis komt, mede te delen aan het bestuur van de Stichting
4.2. Elke RL als gebruiker van het collectieve merk CMI en logo, is bevoegd tezamen met de Stichting een vordering in te stellen tegen ieder, die zonder daartoe gerechtigd te zijn, gebruik maakt van het collectieve merk en logo

Artikel 5
Tot wijziging van het reglement  kan worden besloten in een vergadering van het bestuur van de Stichting met inachtneming van de vereisten gesteld in de statuten van de Stichting voor het nemen van rechtsgeldige besluiten. De Stichting stelt het Benelux Merkenbureau in kennis van elke wijziging in dit reglement.

Artikel 6
6.1.  Het recht op het gebruik van het collectieve merk CMI en logo eindigt, onverminderd het bepaalde in de wet en/of dit reglement  door:

a.  het - ook na sommatie - in gebreke blijven van een RL om vier weken na factuurdatum de in artikel 1.2. vermelde vergoeding aan de Stichting te voldoen;
b. de ontzegging door de Raad van Beroep van CMI van de bevoegdheid tot gebruik;
c.  beëindiging van de registratie.
6.2. De RL, wiens recht ingevolge het in het eerste lid bepaalde eindigt, heeft geen recht op vergoeding van de schade, die hij lijdt doordat hij materiaal voorzien van het collectieve merk, niet meer mag gebruiken.

Artikel 7
7.1. De RL als gebruikers van het collectieve merk, is  niet meer aan dit reglement gebonden, zodra het collectieve merk is vervallen, nietig verklaard of doorgehaald.
7.2. In afwijking van het bepaalde in het vorige lid blijven de RL's  onderworpen aan de maatregelen en sancties als vermeld in artikel 3 inzake van overtredingen, die hebben plaatsgevonden ten tijde dat het collectieve merk nog ingeschreven was.